Other notes by Rydeck:
|
|
Hier vind je verschillende technieken om wat je leert beter te onthouden.
Het idee achter deze geheugentechnieken is de vermogens van je geheugen optimaal te benutten. De leerstof bestaat vaak uit een geïsoleerd begrip, dat in één bepaalde vorm wordt aangereikt (meestal als tekst op papier of op een beeldscherm). Je geheugen werkt echter met beeld, geluid, geur, smaak, aanraking, ruimtelijk inzicht, emotie, taal, structuren en verbanden. Door deze capaciteiten van je geheugen optimaal te te gebruiken kun je de stof beter onthouden.
Deze geheugenhulpjes kun je onmiddellijk gebruiken om dingen beter te onthouden. Ze zijn makkelijk te leren en er zijn geen speciale hulpmiddelen of systemen bij nodig.
Herhalen is de eenvoudigste geheugentechniek, die de meeste mensen intuïtief gebruiken. Door een woord, definitie of getal telkens te herhalen kun je het enige tijd onthouden. (waarom?)
Herhalen is een simpele methode, je hoeft er niet bij na te denken. Maar voor onthouden op langere termijn is herhalen minder geschikt.
Voorbeeld
Je bent onderweg en wilt iemand bellen met je mobieltje. Je hebt geen pen en papier bij de hand. Je belt Inlichtingen en vraagt het telefoonnummer. De telefoniste zegt 0429873282. Je herhaalt het nummer hardop en de telefoniste bevestigt dat je het goed hebt verstaan. In gedachten blijf je het nummer herhalen, terwijl je de telefoniste bedankt en de verbinding verbreekt. Vervolgens kies je het nummer. Na het gesprek ben je het nummer waarschijnlijk vergeten.
Betere geheugentechnieken
Als je gewend bent nieuwe woorden, definities etc. te leren door ze simpelweg te herhalen, dan raden we je aan wat serieuze geheugentechnieken te leren. Verbeelden is een goed begin. Dat is een creatieve techniek die je helpt om nieuwe informatie duurzaam te onthouden.
Waarom kun je iets enige tijd onthouden door het te herhalen?
Normaliter kan het werkgeheugen nieuwe informatie ongeveer 20 seconden onthouden. Door iets (in gedachten) te herhalen blijft het langere tijd in je werkgeheugen.
Soms is dat op zichzelf voldoende, zoals bij een telefoonnummer dat je slechts hoeft te onthouden tot je het nummer hebt ingetoetst.
Soms wil je iets langer onthouden en de herhaling versterkt in enige mate de opslag van de informatie in het permanente geheugen. Dit effect is echter beperkt doordat er met deze simpele methode in het permanente geheugen weinig verbanden worden gelegd met andere informatie.
Verbeelden
Verbeelden is een eenvoudige geheugentechniek. Door meer betekenis te geven aan hetgeen je wilt herinneren en je er een beeld bij te vormen, zul je het beter onthouden. (waarom?)
Met verbeelden kun je iets langer onthouden, dan wanneer je het alleen maar herhaalt.
Hoe werkt het?
Met "betekenis geven" bedoelen we dat je op zoveel mogelijk manieren probeert je iets voor te stellen bij wat je wilt onthouden. Daarvoor moet je het begrip in detail uitwerken, of er details aan toevoegen.
Je kunt hiervoor bijvoorbeeld gebruik maken van klanken en lettercombinaties in een woord en je daar bepaalde beelden bij voorstellen. Bizarre, grappige en levendige beelden werken het best. (waarom?)
Een voorbeeld: Przewalskipaard
Stel je gaat deelnemen aan het Nationaal Dictee en je wilt daarom de juiste spelling van Przewalskipaard onthouden.
Lettercombinaties en betekenissen in het woord
Ontleed het woord in pr-ze-wals-kip-aard. Denk bij pr bijvoorbeeld aan Public Relations.
Visualiseren: stel je een bizar of grappig beeld voor
Bijvoorbeeld: een prei glijdt op een ski van de wal in de zee. Probeer het beeld te verrijken. Je kunt het bijvoorbeeld combineren met een paard, of met een beeld bij een ander deel van het woord (kip).
"When you think something, you think in picture. You don't think a thought in words. You think a picture that expresses your thought. Working with this picture will produce it into your experience."
Grace Speare.
Tips om verbeelding goed te gebruiken
* Gebruik positieve en prettige beelden.
* Maak de beelden actief en levendig
* Heb je moeite om een beeld te verzinnen bij een bepaald woord? Probeer het eens met een plaatjeszoeker.
* Hoewel visualiseren meestal goed werkt, ben je misschien meer verbaal georiënteerd. Probeer dan eens verbale fantasie, zoals rijmpjes, citaten, fragmenten van gedichten, titels van boeken of films e.d.
* Verbeeld ruimtelijke vormen (paard) en beweging (ski, zee). Door de beweging wordt het beeld levendiger en onthoud je het makkelijker. Je kunt de beweging bovendien gebruiken om een bepaalde volgorde in de onderdelen van het beeld aan te brengen.
* Overdrijfde grootte van belangrijke dingen in het beeld.
* Gebruik symbolen, zoals een stoplicht, een wijzende vinger.
* Verlevendig de beelden met kleur, geluid, geur, smaak, aanraking, beweging en gevoelens.
* Hoe dieper de betekenissen zijn die je eraan verbindt, hoe beter je iets zult herinneren.
* Betekenissen die je zelf verzint werken het beste.
* Probeer zoveel mogelijk betekenissen te vinden binnen het onderwerp waarmee je bezig bent. Zo versterken je activiteiten elkaar en ontstaat er minder overbodige ruis in je geheugen.
* Als er de beelden die je voor verschillende begrippen gebruikt dreigen te overlappen, kun je ze in een verschillende omgevingen plaatsen.
Gebruik verschillende zintuigen
Je kunt nieuwe kennis beter onthouden als je bij het verwerken van die kennis gebruik maakt van verschillende zintuigen en hersenfuncties. Denk bijvoorbeeld aan het auditief geheugen (geluid), het visueel geheugen (beeld) en het ruimtelijk geheugen.
Enkele praktische tips:
* Lees de stof in stilte en hardop.
* Visualiseer in gedachten en teken een plaatje.
* Schrijf het op.
* Verbeeld het met je handen.
Meer geheugentechnieken
Bij verbeelding werk je met een begrip dat op zichzelf staat. Met Associëren breng je verbanden aan met dingen die je al weet.
Verbeelden toepassen bij het leren
In een visueel schema kun je vormen, kleuren en symbolen gebruiken om gedachten, informatie of kennis te weer te geven. Je verwerkt de informatie daardoor als een beeld in plaats van een tekst.
Links naar elders
* In deze geheugencursus van de Universiteit van Amsterdam leer je Beschouwing toe te passen. Dit lijkt veel op ons begrip verbeelding. Onder beschouwing vallen verschillende manieren om meer betekenis te geven aan het begrip dat je wilt onthouden, waaronder je er een beeld bij vormen.
* Het onderdeel Introduction to memory techniques van de geheugencursus van Mind Tools behandelt verbeelden (imagination), associëren (association) en plaatsen (location).
In de rubriek Geheugen vind je meer links naar allerlei geheugencursussen en sites met achtergrondinformatie over het geheugen.
Waarom kun je iets beter onthouden als je er betekenissen aan verbindt?
Deze geheugentechniek is erop gebaseerd dat je moeilijk te onthouden dingen in verband brengt met makkelijk te onthouden dingen. De verbanden die je aanbrengt helpen je hersenen later om het oorspronkelijke begrip terug te vinden in je geheugen.
Waarom werken bizarre, grappige, levendige beelden het best?
Beelden werken goed, omdat wij een krachtig visueel geheugen hebben.
Emoties versterken de herinnering. Denk maar eens terug aan gebeurtenissen waarbij je erg bang, verdrietig of blij was. Bij geheugentechnieken zoals verbeelding maak je uiteraard het liefst gebruik van positieve emoties zoals lachen.
Gerelateerde begrippen
Met "mentale verbeelding" wordt hetzelfde bedoeld als het kortere "verbeelding" dat we hier gebruiken.
In het Engels wordt meestal "imagination" gebruikt.
In wetenschappelijke publicaties worden de begrippen "beschouwing" (Ned.) en "elaboration" (Eng.) gebruikt, die strikt genomen een bredere betekenis hebben dan verbeelden.
Associëren
Als je associeert, leg je een verbandtussen nieuwe informatie en iets dat je al weet. Bijvoorbeeld een naam bij een gezicht. Door het verband kun je de nieuwe informatie beter onthouden. (waarom?)
Hoe werkt het?
Een goede manier om begrippen te associëren is gebruik te maken van verbeelding. Je vormt je een beeld waarin beide begrippen samenkomen.
Bij een goede associatie moeten de twee begrippen zoveel mogelijk in elkaar grijpen. Het is niet genoeg om ze alleen naast elkaar te zetten, ze moeten echt een unieke relatie met elkaar hebben. Kijk daarom vooral naar eigenschappen die de begrippen gemeenschappelijk hebben, of waarmee ze in een bepaalde context met elkaar te maken hebben. Een goede context bedenken is vaak de sleutel naar een goede associatie. (waarom?)
Het recept voor een goede associatie is:
* Stel je voor hoe de begrippen op elkaar ingrijpen
* Zoek overeenkomstige eigenschappen
* Bedenk een context waarin overeenkomstige aspecten logisch op elkaar kunnen ingrijpen
* Plaats de begrippen in die context
* Versterk hun verbindingen
Voorbeelden
Onbewuste associaties:
* Je hebt al talloze keren naar een wolkenkrabber of een langsvliegend vliegtuig gekeken. Maar als je de beelden van de aanslagen op het WTC op 11 september 2001 in New York hebt gezien, denk je bij het één automatisch aan het ander.
* Waar denk je aan bij "Nelson", "Florence" en "Albert"? (antwoord)
Bewuste associaties:
* Je kunt het cijfer 1 met een goudvis associëren, door het cijfer 1 als een speer te verbeelden en je voor te stellen hoe iemand die honger heeft met de speer een goudvis vangt en deze opeet.
* Het engelse woord voor bibliotheek is library. We lezen dit als liep raar y. Stel je nu voor dat je in een bibliotheek bent en tussen de boekenkasten loopt een grote Y die raar rondhuppelt (als je hem op zijn kop zet heeft hij twee benen) en boeken uit de kast gooit. Je hebt nu niet alleen het woord library als een raar lopende Y verbeeld, maar je hebt het ook met een bibliotheek geassocieerd.
* Stel je vertrekt van huis en plots schiet je te binnen dat je op kantoor Jan moet bellen. Associeer Jan met een bepaald dier, bijvoorbeeld een olifant omdat hij altijd zo traag is. Stel je nu zo levendig mogelijk voor dat je het kantoor binnnenloopt, de deur van je kamer opendoet en achter je bureau zit een olifant die onmiddelijk begint te tetteren. Maak het beeld echt heel realistisch, zodat je je zelfs zorgen gaat maken hoe je die olifant weer uit je kamer krijgt. Als je een uur later de deur van je kamer opendoet zul je er onmiddellijk aan denken dat je Jan moet bellen.
Vind je dit niet erg praktisch?
Hola! Verbeelden, associëren en plaatsen zijn de basis voor vrijwel alle praktische toepassingen van de complexere geheugentechnieken. Maak ze onderdeel van je mentale gereedschapskist en gebruik ze in het dagelijks leven.
Tips om goed te associëren
Associeer met...
* iets dat je belangstelling heeft (waarom?)
* iets dat opvallend, ongebruikelijk, belachelijk of onmogelijkis (waarom?)
Je kunt twee dingen bijvoorbeeld zo associëren:
* op elkaar plaatsen
* tegen elkaar botsen
* in elkaar steken
* om elkaar draaien
* samen dansen
* dezelfde kleur, geur, vorm of gevoel
* het ene begrip gebruiken als context voor de activiteiten van het andere (de Y in de bibliotheek)
Bij associëren maak je gebruik van verbeelden. Anders gezegd:
verbeelden + associëren = begrippen koppelen aan fantasiebeelden
Kijk dus ook nog even naar de tips voor verbeelden.
Associëren in twee richtingen
Soms volstaat een associatie in één richting. Bij een naam wil je iemands telefoonnummer weten, maar omgekeerd hoef je niet bij het zien van het nummer aan de naam te denken. In andere gevallen wil je een associatie in twee richtingen. Bijvoorbeeld als je woorden in een vreemde taal associeert met de overeenkomstige woorden in het Nederlands.
Meer geheugentechnieken
We hebben het tot nu toe gehad over het associëren van twee begrippen. Je kunt alle begrippen in een lijst onthouden door ze in de juiste volgorde in een keten te verbinden. In feite is dat herhaald associëren.
Associëren toepassen bij het leren
Roep kennis terug in je herinnering vóór, tijdens en na het leren. Je maakt zo beter associaties met de nieuwe kennis.
Maak een vragenbank die de hele stof omvat en bestudeer de stof door jezelf telkens een vraag te stellen en het antwoord te toetsen. Deze manier van werken bevordert het associëren van nieuwe kennis met bestaande kennis.
Breng de leerstof in kaart met een visueel schema. Dit is een model van jouw bestaande kennis, de nieuwe informatie in de stof en de gedachten die je daarbij hebt. Zo'n visueel schema van de stof bevordert het associëren van nieuwe kennis met bestaande kennis.
Links naar elders
* Het onderdeel Associatie van een uitstekende geheugencursus van de Universiteit van Amsterdam.
* Het onderdeel Introduction to memory techniques van de geheugencursus van Mind Tools behandelt verbeelden (imagination), associëren (association) en plaatsen (location).
In de rubriek Geheugen vind je meer links naar allerlei geheugencursussen en sites met achtergrondinformatie over het geheugen.
Waarom helpt associëren om beter te onthouden?
Associëren is een natuurlijk onderdeel van de werking van het geheugen. Een bepaalde gedachte roept automatisch een andere gedachte op. Er wordt wel aangenomen dat herinneringen in onze hersenen zijn opgeslagen in de vorm van een netwerk van associaties.
Je kunt associatie in werking zien door je gedachten hun vrije loop te laten en te observeren waar je aan denkt. Begin bij "rood". Misschien denk je dan spontaan iets als: rood > stoplicht > auto > oh ja, ik moet nog tanken.
Je kunt van dit natuurlijke mechanisme gebruik maken door bewust bepaalde associaties te maken.
Waarom is de context belangrijk bij het maken van een associatie?
Je hersenen associëren een object automatisch met de context waarin je met het object te maken hebt. Je associeert bijvoorbeeld een collega met de werkcontext. Als je dezelfde persoon op straat tegenkomt heb je opeens moeite hem te herkennen of schiet zijn naam je niet te binnen.
Je kunt van deze natuurlijke associatie gebruik maken door begrippen zoveel mogelijk in de juiste context te associëren.
Waarom werkt een associatie beter met iets dat je belangstelling heeft?
Belangstelling is één van de drijvende krachten achter ons geheugen. Het is altijd makkelijker je iets te herinneren waarin je geïnteresseerd bent, dan iets waarin je niet geïnteresseerd bent.
Waarom werkt een associatie beter met iets dat opvallend, ongebruikelijk, belachelijk of onmogelijk is?
Emoties versterken de herinnering. Denk maar eens terug aan gebeurtenissen waarbij je erg bang, verdrietig of blij was. Bij geheugentechnieken zoals associatie maak je uiteraard het liefst gebruik van positieve emoties zoals lachen of verbazing.
Waar denk je aan bij "Nelson", "Florence" en "Albert"?
Er is niet één bepaald goed antwoord en je mag overal aan denken. Maar het is vrij waarschijnlijk dat je hebt gedacht aan Nelson Mandela, Florence Nightingale en Albert Einstein. De achternaam schoot je spontaan te binnen bij het lezen van de voornaam.
Dat lijkt vanzelfsprekend, maar eigenlijk is het heel bijzonder. Stel je eens voor dat "Nelson" en "Mandela" twee willekeurige abstracte begrippen zijn, die niets met elkaar te maken hebben en die je maar moeilijk kunt onthouden. Je hebt dan nu de perfecte geheugentechniek ontdekt. De kunst is om een even krachtige associatie te maken tussen een begrip dat je wilt leren en een begrip dat je al kent.
Verbinden
Verbinden is een geheugentechniek om alle feiten in een lijst in de juiste volgorde te onthouden. Dat doe je door de feiten één-voor-één met elkaar te associëren in een keten.
Hoe werkt het?
Om de verbindtechniek te gebruiken, moet je eerst voor elk item een beeld bedenken dat dat item representeert.
Het eerste item associeer je met iets dat je je zeker zult herinneren als je de lijst nodig hebt. Dat kan iets zijn dat te maken heeft met het doel of de reden waarom je de lijst moet herinneren. Je kunt ook een persoon of object nemen dat voor jou prominent aanwezig is in de omgeving waarin je de lijst nodig hebt.
Vervolgens associeer je elk item met het item dat erop volgt.
De reeks associaties die je zo opbouwt lijkt op een grappige tekenfilm, waarin absurde beelden en gebeurtenissen elkaar opvolgen. Zorg voor een logische opeenvolging van de gebeurtenissen, zodat je de volgorde goed onthoudt.
Voorbeeld
Je moet een presentatie houden voor een grote afdeling over kwaliteitsmanagement bij de productie van automatische zonweringen. Je maakt het volgende lijstje van de onderwerpen die je wilt behandelen en de beelden die de onderwerpen representeren:
Onderwerp Beeld dat dit onderwerp representeert
Start van de presentatie de katheder
1. Kwaliteitsproblemen een zonwering met een rond gat erin
2. Verbetermogelijkheden tijdens de productie een collega met een rol plakband
3. Testen van het product een vrouw in badpak
4. Ervaringen van gebruikers een man met een bult op zijn hoofd
5. Kwaliteit van concurrerende producten een zonnebril
Denk erom dat je moet overdrijven. Je ziet dus een zonwering met een groot rond gat voor je, een collega met een grote rol plakband, een vrouw met grote ... eh, een grote vrouw, een man met een grote bult en een manshoge zonnebril.
Nu probeer je je de volgende gebeurtenissen zo levendig mogelijk voor te stellen:
1. De katheder wordt gelanceerd en vliegt door de zonwering, zodat daar een groot gat in komt
2. Er komt een collega aangehold die snel plakband over het gat plakt
3. De collega valt van de ladder op een vrouw in badpak
4. De zonwering valt op zijn hoofd, waar direct een grote bult verschijnt
5. Er komt een grote zonnebril aangelopen die ijs op de bult legt
Leg je aantekeningen weg en speel de film in gedachten nog een keer na. Ga nu rustig iets anders doen en probeer over een uur je lijstje onderwerpen te herinneren, te beginnen bij de katheder.
Je zult zien dat je het lijstje gemakkelijk onthoudt, zelfs zonder dat je telkens de film opnieuw hoeft af te spelen.
Toepassingen
Gebruik verbinden om allerlei lijstjes te onthouden:
* Een boodschappenlijst.
* Een takenlijst
Tips om goed te verbinden
Bekijk de tips voor verbeelden en associëren nog eens. Verbinden bouwt hierop voort.
Meer geheugentechnieken
Het verbinden van associaties in een keten heeft als nadeel dat wanneer je daarin één associatie vergeet, de rest van de keten daarna onbereikbaar kan worden. Met de verhaaltechniek kun je ook een lijstje dingen onthouden, door ze in een samenhangend verhaal te verweven. Daarbij is er een grotere kans dat je je de rest van de lijst nog kunt herinneren door de loop van het verhaal.
Een andere technieken om een lijst begrippen in de juiste volgorde te onthouden is Plaatsen.
Links naar elders
* Het onderdeel Verbindtechniek van een uitstekende geheugencursus van de Universiteit van Amsterdam.
* Het onderdeel Link and Story methods Engels van een geheugencursus van Mind Tools.
In de rubriek Geheugen vind je meer links naar allerlei geheugencursussen en sites met achtergrondinformatie over het geheugen.
Verhaaltechniek
Onthoud alle begrippen in een lijst in de juiste volgorde door ze in een verhaal te vlechten.
Hoe werkt het?
Alle dingen die je wilt onthouden verweef je met elkaar in een samenhangend verhaal.
Het eenvoudige verbinden van associaties in een keten heeft als nadeel dat wanneer je daarin één associatie vergeet, de rest van de keten daarna onbereikbaar kan worden. Met de verhaaltechniek is er een grotere kans dat je je de rest van de lijst nog kunt herinneren door de loop van het verhaal.
Een nadeel van deze techniek is dat het vaak moeilijk is een samenhangend verhaal te verzinnen. Of de techniek werkt hangt af van de beelden die je gekozen hebt en de onderlinge volgorde. En natuurlijk van je creativiteit.
Voorbeeld
We nemen dezelfde woorden die we gebruikten in het voorbeeld bij de verbindtechniek als voorbereiding op een presentatie over kwaliteitsmanagement bij de productie van automatische zonweringen:
Onderwerp Beeld dat dit onderwerp representeert
Start van de presentatie de katheder
1. Kwaliteitsproblemen een zonwering met een rond gat erin
2. Verbetermogelijkheden tijdens de productie een collega met een rol plakband
3. Testen van het product een vrouw in badpak
4. Ervaringen van gebruikers een man met een bult op zijn hoofd
5. Kwaliteit van concurrerende producten een zonnebril
Toen ik de katheder ging halen zag ik een groot rond gat in de zonwering van het magazijn. Ik riep Joop erbij en die kwam met een rol plakband om het gat dicht te plakken. Terwijl hij dat deed verscheen er een vrouw in badpak voor het raam. Ze wees naar een man met een bult op zijn hoofd die op de grond lag. Joop zette zijn zonnebril af om te kijken wat er aan de hand was.
Je kunt je bij dit verhaal voorstellen dat je vergeet waarom je ook alweer naar het magazijn ging, maar dat je je de rest van het verhaal moeiteloos herinnert.
"If you were designing the sort of information-processing system a brain is, it would be extremely impractical to store memories permanently in their original form. You need mechanisms for transforming and recording them; for "chunking" information into categories. Is your memory a phonograph record on which the information is stored in localized grooves to be replayed on demand? If so, it's a very bizarre record, for the songs are different every time they're played. Human memory is more like the village storyteller; it doesn't passively store facts but weaves them into a good (coherent, plausible) story, which is recreated with each telling."
Judith Hooper Teresi.
Toepassingen
Gebruik de verhaaltechniek om allerlei lijstjes te onthouden:
* Een boodschappenlijst.
* Een takenlijst
Tips om de verhaaltechniek goed te gebruiken
Als je fantasie je in de steek laat bij het verzinnen van een verhaal:
* Probeer het eens andersom. Begin met het laatste woord in de lijst en bedenk hoe het verhaal afloopt. Bedenk dan telkens bij het vorige woord wat er aan de gebeurtenissen in het verhaal vooraf ging.
* Aan welke verhalen die je al kent doen sommige woorden je denken?
* Aan welke gebeurtenissen uit het echte leven doen sommige woorden je denken?
Bekijk ook de tips voor verbeelden en associëren nog eens. De verhaaltechniek bouwt hierop voort.
Meer geheugentechnieken
Als je moeite hebt met het verzinnen van een samenhangend verhaal, dan is verbinden misschien een eenvoudiger techniek om een lijstje woorden te onthouden.
Een andere techniek om een lijst begrippen in de jusite volgorde te onthouden is Plaatsen.
Links naar elders
* Het onderdeel Verhaaltechniek van een uitstekende geheugencursus van de Universiteit van Amsterdam.
* Het onderdeel Link and Story methods (Engels) van een geheugencursus van Mind Tools.
In de rubriek Geheugen vind je meer links naar allerlei geheugencursussen en sites met achtergrondinformatie over het geheugen.
Plaatsen
Plaats de dingen die je wilt onthouden in gedachten in een bekende ruimte. (waarom?)
Hoe werkt het?
Kies een ruimte die je erg goed kent. Bijvoorbeeld je eigen woonkamer. Stel je voor dat je in de deuropening staat en kijk van links naar rechts door de kamer naar herkenbare dingen als een bureaustoel, het raam, een kast, de bank, de tafel, een lamp. Hou altijd dezelfde volgorde aan.
Als je nu een lijstje woorden wilt onthouden dan vorm je bij elk van die woorden een beeld op een plaats in de ruimte. Maak een sterke associatie tussen de plaats en het woord dat je wilt onthouden.
Voorbeeld
We nemen dezelfde woorden die we gebruikten in het voorbeeld bij Verbinden en de Verhaaltechniek als voorbereiding op een presentatie over kwaliteitsmanagement bij de productie van automatische zonweringen:
Onderwerp Beeld dat dit onderwerp representeert
1. Start van de presentatie de katheder
2. Kwaliteitsproblemen een zonwering met een rond gat erin
3. Verbetermogelijkheden tijdens de productie een collega met een rol plakband
4. Testen van het product een vrouw in badpak
5. Ervaringen van gebruikers een man met een bult op zijn hoofd
6. Kwaliteit van concurrerende producten een zonnebril
Ga nu in gedachten in een vaste volgorde langs de plaatsen in de ruimte (bureaustoel, raam, kast, bank, tafel, lamp):
* De katheder staat op de bureaustoel die snel ronddraait
* Voor het raam hangt een zonwering met een rond gat erin
* Op de kast zit een collega met een rol plakband
* Op de bank ligt een vrouw in badpak
* Onder de tafel zit een man op de grond die zijn hoofd heeft gestoten tegen de tafel en nu een grote bult heeft.
* De lamp heeft een zonnebril op, waardoor gekleurd licht komt.
Tips om plaatsen goed te gebruiken
* De sleutel voor succes is levendige en unieke associaties tussen de plaatsen in de ruimte en de woorden die je wilt onthouden.
* In plaats van een een vaste ruimte zoals je woonkamer, kun je ook de ruimte gebruiken waarin je je iets wilt herinneren. Als je bijvoorbeeld een toespraak moet houden in het personeelsrestaurant bij het afscheid van een collega, dan kun je dit restaurant als ruimte gebruiken voor het plaatsen van beelden. Het voordeel is dat de ruimte er daadwerkelijk is en je geen moeite hoeft te doen om je deze voor te stellen. Dit kan natuurlijk alleen als je vooraf weet waar je je iets wilt herinneren en als je die ruimte goed kent.
* Gebruik dit systeem met een aantal verschillende plaatsen die je goed kent (woonkamer, slaapkamer, badkamer, supermarkt, auto, je kamer op kantoor) zodat je meer lijstjes kunt onthouden zonder het risico van verwarring.
* Je kunt ook fantasieruimtes creëren, zoals je ideale studiezaal met luxe stoel, balkon, boekenkasten en computer. Leer die ruimte eerst goed uit je hoofd.
Meer geheugentechnieken
Twee andere technieken om een lijst begrippen in de juiste volgorde te onthouden zijn Verbinden en de Verhaaltechniek.
Links naar elders
* Het onderdeel Plaatsingstechniek en de vergelijkbare Reistechniek van een uitstekende geheugencursus van de Universiteit van Amsterdam.
* Het onderdeel The Roman Room System (Engels) van een geheugencursus van Mind Tools.
* Het onderdeel Introduction to memory techniques (Engels) van de geheugencursus van Mind Tools behandelt verbeelden (imagination), associëren (association) en plaatsen (location).
In de rubriek Geheugen vind je meer links naar allerlei geheugencursussen en sites met achtergrondinformatie over het geheugen.
Historie
Plaatsen is een klassieke geheugentechniek en was al bekend in de tijd van de oude Grieken.
Waarom helpt plaatsen om dingen beter te onthouden?
Bij het WK Geheugen bleek dat de beste deelnemers hun geheugen anders gebruikten. Bij hen kwamen de hersengebieden met het ruimtelijk geheugen vaker in aktie. De kampioenen gebruikten namelijk geheugentechnieken waarbij ze de te onthouden dingen koppelden aan plaatsen.
Zo worden behalve de "informatiegebieden" ook de "ruimtelijke gebieden" van het brein geactiveerd. Hoe meer hersengebieden meewerken, hoe groter de kans op herinnering is.
Terugroepen in het Geheugen
Roep oude kennis terug in je herinnering voor je nieuwe kennis opneemt.
Roep nieuwe kennis terug, voor het wegzakt.
Hierdoor zul je de nieuwe kennis beter onthouden:
* Je maakt zo beter associaties met de nieuwe kennis die je gaat leren
* Je oude en nieuwe kennis wordt telkens opnieuw geactiveerd en wordt daardoor beter verankerd in je geheugen.
* Je zult beter begrijpen waarom de nieuwe kennis van belang is. Dat is goed voor je motivatie en hierdoor zul je de nieuwe stof onbewust beter onthouden.
* Je wordt je bewust van delen van de leerstof die je al kent. Die kun je overslaan.
Vóór het leren
1. Verken de leerstof. Waar gaat het over? Wat zijn de belangrijkste begrippen, definities, stellingen, methoden, formules etc.?
2. Vraag je af wat je hierover al weet. Waar heeft het mee te maken? Waar bouwt het op voort? Wat betekende dit of dat ook alweer?
3. Bedenk vragen over de nieuwe stof. Wat betekent dat begrip? Hoe kan ik dat toepassen? Probeer op deze manier de hele stof te beslaan. Bewaar de vragen, zodat je ze later kunt gebruiken om jezelf te overhoren.
Tijdens het leren
* Ga gericht door de stof heen, op zoek naar antwoorden op de vragen die je hebt bedacht
* Schrijf in je eigen woorden een samenvatting van wat je geleerd hebt.
* Maak een visueel schema van de leerstof met de belangrijkste concepten
* Roep telkens als je een onderdeel bestudeerd hebt in je herinnering terug wat je geleerd hebt:
o Welke nieuwe begrippen heb je geleerd?
o Welke verbanden zijn er met andere begrippen?
o Hoe kun je het toepassen?
* Noteer nieuwe vragen en leerdoelen die bij je op komen.
Na het leren
Neem een korte pauze en ontspan je even. Voor je verder gaat met nieuwe stof roep je eerst in je herinnering terug wat je in de afgelopen periode geleerd hebt:
* Beantwoord opnieuw de vragen die je eerder bedacht hebt.
* Leg in gedachten aan iemand anders uit wat je geleerd hebt. Doe dit bijvoorbeeld aan de hand van het schema met de belangrijkste concepten dat je tijdens het leren hebt gemaakt.
* Lees je eigen samenvattingen van de stof nog eens door.
Je zult de nieuwe kennis beter onthouden als je dit terugroepen vaker herhaalt. Tijdens en na het leren. Vanavond na het eten. Voor je naar bed gaat. Morgenochtend. Volgende week. Voor het examen.
Vragenbank
Maak een vragenbank die de hele stof omvat en bestudeer de stof door jezelf telkens een vraag te stellen en het antwoord te toetsen. Dit is een vorm van actief leren waarmee je de leerstof beter kunt onthouden dan wanneer je alleen passief leest. (waarom?) Bovendien kun je aan de hand van een vragenbank doelgerichter leren. (waarom?)
Deze vorm van leren wordt ook wel Drill & Practice genoemd en is vooral geschikt om dingen uit je hoofd te leren.
Hoe werkt het?
Je werkt in twee fasen:
1. Bouw een vragenbank op
* Verken de leerstof en bestudeer het materiaal vluchtig
* Formuleer bij elk inhoudelijk onderdeel (definitie, stelling, argument, ...) één of meer vragen
* Verzamel alle vragen in een vragenbank
2. Vragen beantwoorden en de leerstof verwerken
* Kies een willekeurige vraag uit de vragenbank.
* Probeer de vraag eerst uit je hoofd te beantwoorden. Maak daarbij aantekeningen van je antwoord.
* Zoek het goede antwoord op en vergelijk dit met je eigen antwoord.
* Noteer bij de vraag of je het antwoord volledig goed had. Noteer ook de datum.
* Als je een vraag tenminste tweemaal volledig goed hebt beantwoord - met minstens een dag tussen beide pogingen - dan verwijder je deze uit de vragenbank.
* Naar aanleiding van het verwerken van bepaalde stof kun je natuurlijk nieuwe vragen aan je vragenbank toevoegen.
* Herhaal dit proces tot je de vragenbank helemaal hebt verwerkt.
Hoe bedenk je de juiste vragen?
* Soorten vragen
Er zijn verschillende soorten vragen te onderscheiden met een oplopende moeilijkheidsgraad. Met name kennisvragen, inzichtvragen en toepassingsvragen zijn geschikt om in een vragenbank op te nemen.
* Tips
Enkele praktische tips voor het bedenken van vragen bij de leerstof.
De vraag moet als juiste antwoord die kennis hebben die jij aan het eind van het leerproces wilt hebben. Het is aan jou om te bepalen welke kennis dat is. Met andere woorden: je leert niet per se wat er in het boek staat, je leert wat jij wilt leren.
Als je bijvoorbeeld een economische beschouwing leest over de invoering van de euro op 1-1-2002 in twaalf Europese landen, dan kun je denken aan de volgende vragen:
* Wanneer werd de euro ingevoerd in de eerste groep van 12 landen?
* Welke landen voerden op 1-1-2002 de euro in?
* Waarom stapten sommige Europese landen op 1-1-2002 wel over op de euro en andere niet?
* Welke economische gevolgen had de invoering van de euro in 12 Europese landen op 1-1-2002?
Meer dan overhoren
Je kennis toetsen aan de hand van vragen wordt ook wel overhoren genoemd. De simpelste vorm van overhoren is het uit je hoofd leren van de betekenis of vertaling van woorden in een vreemde taal. Daarbij hoef je geen vragen te formuleren, want die spreken vanzelf ("Wat betekent serendipity?"). Je hoeft ook geen vragenbank te maken, want het lijstje woorden in het boek is voldoende.
Met een vragenbank kun je meer doen dan overhoren:
* Bij overhoren denk je misschien aan het leren van de kennis door herhalen. Het overhoren is dan alleen controle achteraf. Met een vragenbank verwerk je de kennis vanaf het begin aan de hand van vragen. Je bevordert daarmee het leren van de kennis door associëren in plaats van herhalen.
* Je kunt vragen formuleren die rijker aan inhoud zijn. Bijvoorbeeld:
o Formuleer een zin met het woord serendipity, waaruit de betekenis van dit woord duidelijk blijkt.
o Geef een praktijkvoorbeeld van serendipity
Praktische tips voor de vragenbank
Je kunt een vragenbank maken met zeer eenvoudige middelen. Schrijf bijvoorbeeld de vragen op losse papiertjes en doe ze in een doos.
Het kan ook mooier. De computer is een uitstekend hulpmiddel om de vragen te verzamelen en ze op je af te vuren. Overhoor jezelf met een handig programma, of een speciale website.
Oefening: vragenbank over de vragenbank
Je kunt het gebruik van de vragenbank oefenen met deze vragenbank over leren aan de hand van een vragenbank.
Waarom kun je de stof beter onthouden als je een vragenbank gebruikt?
* Door jezelf een vraag te stellen denk je (onbewust) eerst na over het antwoord op basis van wat je al weet. Hierdoor wordt oude kennis geactiveerd en kun je later beter associaties maken met nieuwe kennis.
* Een vraag stimuleert tot nadenken. Dit in tegenstelling tot passief lezen, waarbij je ogen soms minutenlang over de pagina's glijden zonder dat je daadwerkelijk nieuwe kennis opneemt. Hoe vaak overkomt het je niet dat je zit te lezen en dat je je plots realiseert dat je geen flauw idee hebt wat je de afgelopen paar minuten hebt gelezen?
* Het stellen van een vraag prikkelt je nieuwsgierigheid en dat is goed voor je motivatie.
Waarom kun je met een vragenbank doelgerichter leren?
* De vragen kun je zelf kiezen. Je kunt vragen bedenken die het meest relevant zijn voor jouw leerdoel.
* De vragen die je je tijdens het leren stelt komen overeen met de vragen of uitdagingen waarmee je later in de praktijk geconfronteerd wordt (bijvoorbeeld een toets, examen of werksituatie). Je verwerkt dus de kennis in de vorm waarin je het later nodig hebt.
* De hoeveelheid vragen neemt na een zekere aanlooptijd af. Je gaat je vanzelf steeds meer concentreren op de vragen waar je kennelijk nog moeite mee hebt.
* Je kunt tijdens het leren vanaf het eerste moment voortdurend je voortgang bewaken.
Vragenbank oefenen
Breng de theorie van de vragenbank in praktijk door onderstaande vragenlijst als volgt te verwerken:
* Kies een willekeurige vraag uit de vragenbank.
* Probeer de vraag eerst uit je hoofd te beantwoorden. Maak daarbij aantekeningen van je antwoord.
* Zoek het goede antwoord op en vergelijk dit met je eigen antwoord.
* Noteer bij de vraag of je het antwoord volledig goed had. Noteer ook de datum.
* Als je een vraag tenminste tweemaal volledig goed hebt beantwoord - met minstens een dag tussen beide pogingen - dan verwijder je deze uit de vragenbank.
* Naar aanleiding van het verwerken van bepaalde stof kun je natuurlijk nieuwe vragen aan je vragenbank toevoegen.
* Herhaal dit proces tot je de vragenbank helemaal hebt verwerkt.
Vragen over leren met een vragenbank
1. Wat zijn de twee belangrijkste voordelen van leren aan de hand van een vragenbank?
2. Hoe ga je te werk als je wilt leren aan de hand van een vragenbank?
3. Op welke drie niveaus kun je vragen formuleren? Geef van elk niveau een voorbeeld.
4. Wat is de belangrijkste richtlijn bij het bedenken van vragen?
5. Noem tenminste vijf praktische tips voor het bedenken van vragen.
6. Wat zijn de twee belangrijkste verschillen tussen overhoren en leren met een vragenbank?
7. Waarom kun je de stof beter onthouden als je een vragenbank gebruikt? Noem drie redenen.
8. Waarom kun je met een vragenbank doelgerichter leren? Noem vier redenen.